Artikel geplaatst op: 20-12-04

Voorstel VOCM beperking coffeeshoptoerist


DSCF0193.jpg
VERENIGING OFFICIËLE COFFEESHOPS MAASTRICHT

Voorstel VOCM beperking aantal buitenlandse cannabisconsumenten centrum Maastricht:
20-12-2004

Er wordt door de gemeente Maastricht gesteld dat er een té grote concentratie buitenlandse cannabisconsumenten het centrum van de stad bezoekt waardoor er overlast door de bewoners wordt ervaren.
Daarnaast laten cijfers zien dat de aan (hard-)drugs gerelateerde criminaliteit in Zuid-Limburg het drievoudige van het landelijk gemiddelde is.
Tijd voor o.a. een nieuw cannabisbeleid, vindt de gemeente, en daarom werd aan de Vereniging Officiële Coffeeshops Maastricht gevraagd haar mening over deze problematiek te geven om deze eventueel te verwerken in nieuw te maken cannabisbeleid.
Door de aanwijzing van Maastricht als proefproject voor nieuw te ontwikkelen experimenteel coffeeshop- en cannabisbeleid hoopt de gemeente Maastricht te voorkomen dat de plannen van minister Donner doorgang vinden betreffende de verkoopstop van cannabisproducten aan niet ingezetenen.
Dit zou namelijk desastreuze gevolgen hebben voor de leefbaarheid in Maastricht. Dit vanwege het feit dat aangenomen moet worden dat invoering van een dergelijk verbod zal leiden tot een zeer sterke toename van de illegale handel.

Volgens de VOCM moet goed cannabisbeleid gebaseerd zijn op twee belangrijke hoofdpunten:
1) Beperking van eventuele overlast voor de inwoners.
2) Bescherming van de cannabis consument in het kader van de volksgezondheid.

Overlast:

Overlast is subjectief, dus is het moeilijk om aan te geven waar het gevoelige punt ligt. Zo wordt er de laatste tijd door inwoners van het centrum meer geklaagd over de overlast door de gevolgen van alcohol.
De VOCM stelt voor om eerst uit te splitsen welke overlast er is en waar.
Uiteraard moeten ook de overlast van alcohol en harddrugs hierin worden meegenomen. Dit moet door een onderzoeksbureau worden gedaan.

Wel moeten we altijd voor ogen houden dat iedere drempel verhogende maatregel bij coffeeshops leidt tot een grotere aanloop bij de illegale verkooppunten, en dus meer overlast in de binnenstad en woonwijken.
Cijfers van het Ministerie van Justitie van november 2004 wijzen uit dat door de sterke controle in en nabij shops nu al meer dan 50% van de cannabisverkopen buiten deze shops plaatsvinden.

Gevolgen hiervan zijn:
- De gewenste scheiding tussen hard- en softdrugs wordt vager.
- Controle door diverse instanties op naleving handhavingrichtlijnen wordt onmogelijk.
- Het belang van de volksgezondheid wordt overschaduwd door het justitieel belang, hetgeen niet de bedoeling van de Opiumwetgever is.

Wat te doen:

-Geen bekeuringen meer geven aan kopers bij officiële verkooppunten voor het bezit van cannabis, zijnde minder of gelijk aan 5 gram. Ook het roken van een joint op straat zou niet langer verboden moeten zijn. Overigens stellen nationale wetgeving en internationale verdragen het gebruik van drugs niet als strafbare daad, dus waarom de gemeente Maastricht wel? Doorkruist deze plaatselijke regelgeving geen hogere regelgeving? Wij hebben inmiddels begrepen dat de bonnenregen tot stilstand is gekomen, maar er zijn nog een aantal bekeuringen van klanten die nog geseponeerd moeten worden.
-Er zou zelfs een vorm van beloningsysteem kunnen worden toegepast bij de klanten van de VOCM door hun het aangeschafte cannabisproduct te laten behouden als zij kunnen aantonen dat het bij ons aangeschaft is. Dit zou kunnen door een datumcode gecombineerd met een zaakcode op de verpakking te plaatsen door de VOCM leden. Ook hier geldt uiteraard max. 5 gram.
-Wij willen ons sterk blijven maken voor verkoop van maximaal 30 gram i.v.m. verlaging bezoekfrequentie van klanten. Dit zou wel provinciaal of beter landelijk moeten gebeuren i.v.m. verhoogde magneetfunctie.
-Wij stellen voor regionaal een verhoging van de handelsvoorraad door te voeren, zodat er minder hoeft te worden aangeleverd aan shops, dus minder aanloop bij de zaken.
-Volgens de APV wijziging 4 mei 2004 is het openbaar gebruik van cannabis nu op straat en in voor het publiek toegankelijke lokalen verboden. Geef met deze wetenschap shops de ruimte om veilige, goed geventileerde voorzieningen voor consumenten te creëren.
Deze APV wijziging geldt ook nog steeds voor koffieshops. Wanner komt daar verandering in ? Het is niet nodig extra aanvullende regels op te stellen over problematiek die binnen de shops geheel niet speelt.
-Creëren goedkope logies in de vorm van een camping en een jeugdherberg.
Alleen op die manier kunnen we sommige bezoekers van onze zaken stimuleren om niet langer in woonwijken in auto’s te overnachten.
-Duidelijk en eensgezind cannabisbeleid naar het ons omringende buitenland uitdragen. Niet in de schulp terug trekken onder buitenlandse druk, maar met onze cijfers over gebruik en event. verslaving harddrugs duidelijk maken dat Nederland het bij het rechte eind heeft, niet het buitenland. Benadrukken dat de beleidswijziging in het buitenland met betrekking tot eigen gebruik leidt tot een uittocht naar ons land. Cannabisgebruik toestaan zonder te voorzien in aanbod leidt tot toerisme.


Er zijn al deelstaten in Duitsland waar cannabisgebruikers tot 30 (!!) gram voor eigen gebruik mogen bezitten. Dan wordt het hoog tijd voor een bewustzijnverandering van onze criticasters, en dat moeten wij samen bewerkstelligen.


Spreiding van coffeeshops:

Om de druk van het grote aantal bezoekers van de binnenstad te verminderen stellen wij een spreiding van het aantal coffeeshops voor.
Het voorstel van de V.O.C.M.:
1.Verplaats een aantal coffeeshops naar de rand(en) van de stad. Hierbij kan men denken aan invalswegen naar het centrum zoals bij het Geusseltpark of langs autosnelweg A2 ter hoogte van het MECC.
2.Verplaats een aantal coffeeshops naar de grens bij diverse grensovergangen zoals Eijsden, Stein, maar ook aan de randen van Maastricht zijn locaties die naar voren komen i.v.m. lage bewoningconcentratie op deze plekken.
3. Verplaats een aantal shops naar buurgemeentes met een huidige nuloptie zoals Vaals, Valkenburg, Gulpen en Eijsden. Het grensoverschrijdend cannabistoerisme is een regionaal verschijnsel en komt niet alleen voor in Maastricht. Deze gemeenten worden geconfronteerd met illegale verkoop binnen hun grenzen, hetgeen logisch is bij gebrek aan een gedoogd verkooppunt.
4. Behoud een aantal shops binnen de singels met ruimte voor verplaatsing en gepaste uitbreiding rekening houdende met actuele veiligheids- en milieutechnische voorzieningen.
Dit alles dient te gebeuren op vrijwillige basis en in goed overleg. Enkele leden hebben hun bereidheid tot verplaatsing reeds kenbaar gemaakt.

Creëer de mogelijkheid om het aantal vergunningen terug te dringen door middel van fusie. Hierbij wordt als voorwaarde verondersteld dat 2 (verschillende) exploitanten op één vergunning kunnen worden vermeld en dat de vierkante meters van de fusiepartners bij elkaar kunnen worden opgeteld.

De Achterdeur:

Door een coöperatief samenwerkingsverband op te richten tussen Gemeente, kwekers en de VOCM kunnen we tot een gereguleerde productie en aanvoer aan de achterdeur komen. Er zou volgens ons voorstel een gebouw op een industrieterrein rondom Maastricht moeten worden aangekocht, of –indien mogelijk- de kwekerij gekoppeld aan de coffeeshop inpandig. Hier zou dan de kweek van de voor de coffeeshops bestemde cannabisproducten moeten plaatsvinden onder de strenge controle van de kweker(s), VOCM, gemeente, gezondheidsdienst(en), brandweer, politie en belastingdienst.
Deze instanties zien toe op de te gebruiken en vooraf geteste groeibevorderaars en eventuele bestrijdingsmiddelen. Wetenschappelijk onderzoek kan op deze wijze verantwoord worden uitgevoerd. Onderzoek naar de eventuele relaties tussen meetbare sterkte (THC percentage) en de kweekmethoden c.q. het gebruik van hulpmiddelen lijkt door de overheid als wenselijk te worden ervaren.


Ook wordt door de brandweer en milieudiensten regelmatig gecontroleerd op brand- en milieuveiligheid. De belastingdienst verkrijgt hiermee de door haar zo innig gewenste controle aan de inkoopzijde. Controleerbare facturen kunnen worden uitgereikt en brutowinstmarges kunnen objectief worden berekend.

Screenen van de kweker moet niet alleen door gemeente en politie plaatsvinden
maar ook door de VOCM i.v.m. vakbekwaamheid en kennis van de markt. Eenheidsworst onder kwekers moet worden tegengegaan. Wat we zeker moeten vermijden is eenzelfde ontwikkeling (fiasco) als met de mediwiet, waarbij de overheid nu met een overschot van inferieure en veel te dure mediwiet in de maag zit.
Als we met dit experiment niet hoog inzetten op diversiteit en kwaliteit dan wacht ons eenzelfde lot.
Een gedeelte van de winst die met deze coöperatie behaald wordt zou terug kunnen vloeien naar de gemeentekas ten bate van bijv. voorlichting of betaling van het controleapparaat.


Wat wij dan verwachten:


-Vergoeding van het aantal vierkante meters ten behoeve van de invoering van een controle systeem. Door invoering daalt de “verkoop oppervlakte” met ongeveer 5 a 10 vierkante meter afhankelijk van systeem en situatie.

- De controle zone moet een neutrale zone worden. D.w.z. dat minderjarigen die zich hier vóór controle bevinden geacht worden de koffieshop niet te hebben betreden. (Géén overtreding J-criterium.)

-Het herinvoeren van de schriftelijke waarschuwing als eerste bestuurlijke sanctiestap. Naar onze mening blijft dit voor behoorlijk bestuur de enige mogelijkheid om met wederzijds respect en begrip met elkaar om te (blijven) gaan.

- Overdraagbaarheid vergunning mogelijk maken onder de reeds eerder besproken voorwaarden in geval van handelingsonbekwaamheid of overlijden.

-Aanpassing van de APV i.v.m. toepasbaarheid van het zogenoemde “Zedelijksheidsbesluit”. Op grond van deze koppeling geldt dat als een coffeeshopexploitant binnen vijf jaar bijv. 2 maal een financiële schikking van meer dan € 500,- heeft getroffen zijn vergunning moet worden ingetrokken.

Aangezien de achterdeur niet wordt gedoogd, loopt iedere exploitant dagelijks het risico van vervolging, tenzij hij anderen voor zijn karretje spant. Ook hier zegt de VOCM: met open vizier in dialoog met elkaar treden en blijven betekent géén extra onnodige barrières opwerpen die de samenwerking alleen maar negatief kunnen beïnvloeden.

Tot slot:

Het Ministerie van Justitie noemt samenwerking van de gemeente met de VOCM in haar boek "Best Practice Handhaving Praktijk Koffieshop Beleid" een lichtend voorbeeld voor alle gemeentes met meerdere koffieshops.

Samenwerking Gemeente -VOCM kan volgens de laatste nog verder worden uitgediept door in een vroeger stadium problemen met elkaar te bespreken (denk aan cannabisconsumptie verbod op straat dat door ons op een vrij gemakkelijke manier aan onze klanten duidelijk gemaakt had kunnen worden zónder zo veel bekeuringen…) In dit kader is het dan ook toe te juichen dat de gemeente ons betrekt in het opstellen van een nieuw beleid betreffende de coffeeshops vóórdat deze nota aan het college wordt voorgelegd.

Dit zal uiteindelijk leiden tot evenwichtiger en beter doordacht beleid waar wij allen van kunnen profiteren.

Met dit nieuwe uitgebalanceerd beleid kan dan zowel naar minister Donner als naar het buitenland worden aangetoond dat het heel goed mogelijk is om de productie, verkoop en consumptie van cannabisproducten op een verantwoorde wijze te regelen en waarbij men geen angst hoeft te hebben voor ongewenste neveneffecten.

Dagelijks bestuur VOCM